Vroege vogel

Het liefst loop ik zo vroeg mogelijk in de ochtend. Dat de massa nog op één oor ligt en ik alleen ben met de natuur, de rust. Alleen dan kan ik enigszins genieten van het sporten, het werken aan mezelf, aan mijn lijf.

Een tijdje terug begon ik om 9 uur. De wekker ging later af, want ze sliepen uit. Eerst de oudste naar school en toen hup hup met de beentjes. De dag begon dus al helemaal anders dan zou moeten. Ik ging met hoofdpijn weg.

Na anderhalve kilometer kon ik de drukte niet meer aan. Al het verkeer. Het gevoel alsof ze me allemaal aankeken. Ik was niet bezig met wat ze van me vonden, maar dat ze me zagen was al teveel. En ík zag teveel. Fietsers die naar school gingen of naar het werk. Tassen, oordopjes, iPhones. Auto’s met zakenmensen. Vrachtwagens waarvan ik me afvroeg wat ze vervoerden. Ik zag en hoorde alles. En toen was er paniek. Mijn benen verzuurden en mijn ademhaling sloeg op hol. Ik wilde naar huis. Meteen.

Maar ik was nog niet eens op de helft van mijn rondje. Omdat Bart me toevallig die dag tegemoet liep met Roos en onze hond Boef, hoefde ik niet heel lang meer in mijn eentje in paniek te lopen en kon ik nog een kilometer samen op adem komen. Wat een stom begin van de dag. Ik moest heel hard mijn best doen niet meteen de handdoek in de ring te gooien. Maar de volgende training werd een hele grote stap.

Voortaan loop ik dus echt om half zeven. Of eerder. In mijn eentje en samen met de wind. En de vogels die beginnen te fluiten. Het getik van een specht. En een enkele vroege auto. Ik zie en hoor ze allemaal, maar dit kan ik wel aan.

20

Laat weten wat je ervan vindt!

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.