Waar zijn mijn sleutels?!

“Mama komt er zo aan, eerst moet ik mijn sleutels weer vinden!”

Mijn kinderen horen minimaal vijf keer per week, als ze naar school of de sportclub moeten, deze zin. Altijd ben ik ze kwijt. Zelden hangen ze in het sleutelkastje en als ze daar hangen heeft mijn man dat negen van de tien keer gedaan. En ze kunnen dan ook overal liggen, in jaszakken of tassen, op tafel of in kastjes. Of gewoon op de badkamer, waar anders. Zeer frustrerend, niet alleen voor mijn omgeving. Gelukkig ben ik meestal in staat er grapjes over te maken, of die grapjes aan te horen.

Heel veel mensen zijn weleens iets kwijt. Zeker jonge moeders met een verward brein, vanwege de vreselijke vermoeidheid door alle gebroken nachten.
Moeders met ADHD kennen dit meestal al voordat de kleintjes hun nachten verstoorden, ik dus ook.

 

Niet vergeetachtig

Bij mij zijn het eigenlijk altijd voorwerpen die ik vergeet. Namen en bijbehorende gezichten onthoud ik bijvoorbeeld juist heel goed, dit kan ik dan ook goed gebruiken bij mijn sociale skills (ja mevrouw de psycholoog, ik bén echt wel sociaal!).

En dit heeft een logische verklaring. Dat ik spullen kwijtraak komt omdat ik op dat moment met duizend dingen tegelijk bezig ben. Ik trek mijn jas uit terwijl ik de tassen van de kinderen leeghaal en ondertussen de wasmachine aanzet en vervolgens boven nog wat was haal. En dán belandt die sleutel als vanzelfsprekend op de badkamer. Het is dus niet zo dat ik vergeetachtig ben, maar ik ben afgeleid en doe veel, heel veel, tegelijkertijd. Het heeft dus te maken met dat concentratieprobleem waar je als “ADHD’er” last van hebt.  Het zou zo makkelijk zijn om bij binnenkomst meteen mijn sleutel in dat kastje te hangen en dan vervolgens gestructureerd de andere taken uit te voeren, maar helaas gebeurt dat zelden. Eigenlijk nooit.

 

“Het is maar goed dat je hoofd vastzit.

Niet alleen de sleutels zijn de klos, maar wel een makkelijk voorbeeld. Laatst was de melk aan de beurt en mijn man maakte graag een foto van zijn vondst.
Iedereen had een glas melk gekregen bij het ontbijt behalve hij, terwijl ik ervan overtuigd was dat ik voor hem ook had ingeschonken. Blijkbaar was ik dus wel begonnen aan die taak, alleen gooide mijn concentratie roet in het eten. Het melkpak had ik vakkundig in de kast bij de glazen gezet. Hét bewijs dat ik echt wel aan zijn drankje had gedacht…

 

 

5

Laat weten wat je ervan vindt!

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd.